Historie

 

Zomaar een verhaal van een bijzondere man uit Friesland op de camping in Frankrijk. ( Jaap )

We zijn vrienden geworden.

 

Fanny!

 

Bepakt en bezakt vertrokken wij op Hemelvaartsdag in de regen maar zeer goed geluimd af naar La douce France voor een vakantie van vier weken. Altijd in de maand juni. Waarom? Omdat de dagen lang zijn, de natuur op z’n mooist is, de temperatuur aangenaam (25/30o) is en omdat het nog niet te druk is (onderweg en op de camping). De eerste stop was op camping Brabois te Nan-cy, het regende pijpestelen. De volgende dag werd het snel droog en mooi en dat is het gebleven, vier weken lang: strak blauwe hemel en lekker temperatuurtje, kortom, korte broeken weer!

Ik had mij voorgenomen om deze vakantie lekker veel te boulen en om die Fransen eens even een poepie te laten ruiken. Ik zat boordevol zelfvertrouwen na bijna twee jaar ervaring opgedaan te hebben bij Tuk en Rekke en na de wijze lessen van l’Homme d’ Oiseau.

De teleurstelling was groot toen wij merkten dat op onze eerste camping in Marseillan-plage aan de Middelllandse Zee (onze caravan stond op ca. 20 meter van het strand) niet eens een boule-baan was, hoogst ongebruikelijk voor Franse campings. Toch hebben we twee weken vrijwel elke avond gespeeld op de mulle campingpaden, verre van ideaal maar heel goed om te leren tireren. Pointer (plaatsen) bleek onmogelijk dus moest je wel schieten.

Op onze tweede camping in St. Rémy de Provence komen wij al vele jaren maar vorig jaar heb ik voor het eerst meegespeeld met de vaste bouleclub; elke middag om 17.00 uur verzamelen Fran-sen, Belgen en een enkele Hollander zich bij de twee boulebanen op de camping.

Er worden dan drie of vier fanatieke maar heel gezellige potjes petanque gespeeld. Vorig jaar waren ze al ver-baasd dat ik hen redelijk tegenstand kon bieden, maar dit jaar viel hun mond open. Ik speelde net zo goed als zij en voelde dat ik plots helemaal geaccepteerd werd. Zij begonnen mij de fijne kneepjes van het spel uit te leggen en dat zegt genoeg. Ik versta niet de helft van wat er wordt gezegd omdat het tijdens het spel allemaal te snel gaat, maar het is hartstikke gezellig en vooral enorm leerzaam, je doet erg veel ervaring op. Marie-Louise en ik werden zelfs uitgenodigd voor een gezamenlijke borrel en daar werden onder het genot van een goed glas wijn en een lekker hapje nog eens alle finesses van het mooie spel doorgenomen.

De oudste van het stel en meest ervaren en beste bouler is Mauricet, een 78-jarige gepensioneerde kapper uit midden-Frankrijk. Net als wij een vaste campinggast op Pégomas, al jaren! Altijd keurig netjes in de kleding en geen haartje verkeerd, ik vond hem in het begin ronduit stug en stijf. Maar wat kun je je vergissen. Juist deze man nam, nadat hij had bemerkt dat ik als tireur mijn paadje meer dan schoon veegde, het voortouw om mij de fijne kneepjes te leren. Hij zag di-rect dat mijn boules voor mij te klein waren, er zat speling tussen pink en boule. Ik mocht twee keer spelen met zijn iets grotere CX COU-boules (79 mm, 700 gram) en dat ging inderdaad beter. Toen ik vroeg waar ik zulke boules kon kopen, antwoordde hij, in St. Etienne bij Lyon. De Fransen bestellen die boules en laten er hun naam in graveren, zij kopen elke twee jaar nieuwe boules. Maar toen gebeurde het, hij bood mij zijn boules aan, ik mocht ze houden, ik stond perplex! Wat moest ik, dit kon ik niet accepteren, maar hij stond er op. Ik ben nu de trotse bezitter van een van de beste boules die er te koop zijn, **** CX COU-boules (met de naam MAURICET ingegraveerd), weliswaar twee jaar oud (hij had al nieuwe) maar toch….. Kijk maar eens op internet.

Maar nu komt het pas echt, we speelden vervolgens een partijtje en deze zelfde “stijve” kapper die absoluut niet tegen verlies kan, kreeg met 13 - 0 aan de broek. Mijn partner, Pierre, de ter-reinknecht van de camping, trok zijn broek naar beneden en maakte het gebaar dat Mauricet zijn achterwerk moest kussen. Onmiddellijk trok hij natuurlijk z’n broek weer aan, maar wat gebeur-de? ….. tot grote verbazing van ons allemaal gebaarde Mauricet met z’n vinger dat Pierre z’n broek weer moest uittrekken. Dat deed Pierre en wat dacht je, ja echt, de oude “stijve” kapper kuste het achterwerk van Pierre! Wij kwamen natuurlijk niet meer bij!

 

Jacques P.M.

 

 

 

 

Oprichting L’Autre Chemin story.

 

Petanque vereniging L’Autre Chemin Alkmaar, is opgericht op 11 juli 1983 door enkele oudleden van de vereniging PUK uit Haarlem. In die beginjaren werd hier in Alkmaar het spel gespeeld op de looppaden in en door de Alkmaarse Hout. De vereniging bestond toen nog uit een tiental leden.

In 1988 werd door de Gemeente Alkmaar “ tot in lengte van dagen “ aan de vereniging het huidige terrein te huur aangeboden. Dit aanbod werd door de vereniging met beide handen aangenomen.

In 1993 kon de vereniging gedurende de winterperiode gebruik maken van de binnenhal van de drafbaan Alkmaar. Echter, enige Jaren later werd de tribune en binnenhal van de drafbaan aangepast en was er geen plaats meer voor L’Autre Chemin.

De vereniging was inmiddels al uitgegroeid naar zo’n 70 clubleden. De noodzaak van een clubgebouw en toiletgebouw werd gewenst. Clublid Herman Klerk bracht de oplossing. Hij schonk de vereniging het clubgebouw. Met veel eigen inzet van clubleden is het terrein en haar gebouwen uitgegroeid tot een van de fraaiste beschutte Petanque locatie van Noord-Holland. Jammer blijft het dat er, ook in de toekomst geen mogelijkheid zijn om daarbij nog een binnenhal te bouwen, maar de winters worden steeds zachter, de baan is verlicht, en boulen in de sneeuw heeft ook zo zijn eigen bekoring.

L’Autre Chemin is een vereniging met als hoofddoel het recreatieve spelen, ongeacht leeftijd om bezig te zijn aan deze sport, in een ontspannend sfeer onderling met andere clubleden op alle niveaus.

L’Autre Chemin is lid van de NJBB ( Nederlandse Jeu de Boules Bond ). Daarmee is het voor clubleden ook mogelijk om mee te spelen in alle Regio- of landelijke wedstrijden.

Thans telt de vereniging ruim 80 clubleden met haar jongste lid 37 jaar en haar oudste 92 jaar.

 

Auteur Gerard Tervoort

 

 

 

 

 

Plus een stuk geschiedenis algemeen.

Petanque is een variant van een typisch balspel dat in zijn vroegste vorm reeds bij de oude Grieken gespeeld werd. Daar werd het echter nog beoefend als een krachtspel. De Romeinen hebben er later meer een behendigheidsspel van gemaakt ongeveer in de vorm zoals we het nu nog kennen. Ook in de middeleeuwen bleven petanque en andere balspelen erg populair, maar daarna verslapte de interesse ervoor met uitzondering van bepaalde streken zoals de Franse Provence.

De huidige vorm ontstond in 1907 in La Ciotat nabij Marseille. Ten behoeve van een oude man, Jules Lenoir, die door reumatiek geen aanloop meer kon nemen, werden de spelregels aangepast. De werper moest op zijn plaats blijven, en dat werd afgedwongen door een cirkel rond hem te trekken. Pétanque heeft daardoor de reputatie van "oudemannensport" gekregen.

Vanaf de Tweede Wereldoorlog is het petanque begonnen aan een indrukwekkende opmars die eerst geheel Frankrijk overspoelde maar al spoedig ook andere Europese landen en zelfs daarbuiten. De Féderation Française de Pétanque et Jeu Provançal werd in 1942 opgericht, en in 1958 zag de Fédération Internationale de Pétanque et Jeu Provençal het daglicht. De vele toeristen die met het petanque kennismaken in Frankrijk worden er blijkbaar zo door gegrepen, dat ze het in hun eigen streken gaan importeren. Momenteel wordt petanque gespeeld in Zuid- en West-Europa, Noord-Afrika, de VS, Canada en zelfs tot in Thailand en Japan toe.

Spelregels en techniek.

Bij petanque is het de bedoeling om de metalen ballen zo dicht mogelijk bij een klein houten balletje (de but of cochonnet) te werpen. De werptechniek is onderhands en kan variëren: rollen, halfhoog, hoog. De startafstand van de cirkel (van waaruit de spelers werpen) tot de but kan variëren van 6 tot 10 meter. Het spel wordt doorgaans gespeeld op een ondergrond van verhard zand of (grof) grind. In Frankrijk beleeft de sport zijn grootste populariteit, met 350.000 bondsleden, en ongeveer 17 miljoen vrijetijdsspelers.

Petanque kan zowel individueel als in teamverband gespeeld worden, waarbij een team kan bestaan uit twee of drie spelers. Men noemt dit ook wel doublette en triplette. Individueel noemt men ook tête-à-tête. Als met drie spelers per team wordt gespeeld, heeft elke speler 2 boules, terwijl elke speler bij doublette en tête-à-tête 3 boules heeft. De boules (stalen ballen) hebben een diameter tussen 70,5 en 80 millimeter en een gewicht tussen 650 en 800 gram. Het but ('Frans voor "het doel") heeft een diameter van 30 millimeter met een variatie van 1 mm.

Het team dat de partij mag beginnen wordt bepaald door loting. Degene die de toss wint, trekt een cirkel met een diameter van 50 centimeter (tegenwoordig wordt ook een kunststof cirkel gebruikt) en gooit het but uit op een afstand tussen de 6 en 10 meter. Het team dat het but werpt, werpt ook de eerste boule en probeert deze zo dicht mogelijk bij het but te plaatsen. Daarbij moet er op gelet worden dat de voeten binnen de cirkel staan en zij niet van hun plaats mogen komen voordat de geworpen boule de grond heeft geraakt.

Vervolgens mag de tegenpartij proberen een boule dichter bij het but te plaatsen (pointer), de boule van het andere team te verplaatsen (tirer of schieten) of het but te verplaatsen.

Er wordt niet om beurten gespeeld, maar het team dat het dichtst bij het but ligt, speelt pas weer als de tegenstander beter ligt of geen boules meer heeft.

In het laatste geval mag dat team proberen meer punten te scoren door boules dichterbij te brengen dan de beste van de tegenstander. Voor elke boule die een team dichterbij heeft geplaatst dan de tegenpartij krijgt men een punt (dus maximaal 6 punten bij triplette en doublette). Dan is de werpronde (of "mène") voorbij. Het team dat heeft gescoord, trekt een cirkel op de plaats waar het but lag en gooit hem opnieuw, waarna de volgende mène begint.

Het spel eindigt zodra een team 13 punten heeft behaald.

 

Bron Wikipedia.